15mrt

Watje of bullebak…

Ze zat heel stil terwijl de kapster haar haren knipte. Dit in tegenstelling tot haar broertje die de hele zaak bij elkaar krijste zodra er ook maar een schaar, een kam of zelfs een vinger in de buurt van zijn haar kwam. Wat een geluk, dacht ik nog, Julian vindt een bezoek aan de kapper nooit erg. Vooral omdat stil zitten bij de kapper altijd wordt beloond met een zakje snoep. Dit keer had hij, vanwege het lange wachten, al een zakje gekregen voordat hij geknipt werd. Om het krijsende jongetje te helpen stil zitten leek het hem dus logisch om een snoepje uit zijn zakje te geven. Maar het jongetje, nog altijd over zijn toeren, wilde niet. Blozend was de lieverd terug gekomen en zei beteuterd ‘Hij wil geen snoepje.’

Horses kissingAl die tijd had het meisje Julian via de spiegel in de gaten gehouden. Toen ze klaar was zat aan elke kant van haar halflange haar een mooie vlecht. Ze liep trots langs ons naar haar moeder, ik glimlachte naar haar en prees haar mooie coupe. Haar hysterische broertje had iedereen inmiddels zover gekregen dat hij met rust werd gelaten. Met zijn drieën vertrokken ze naar boven waar de moeder nog gekapt zou worden. Julian liep het meisje achterna de trap op, maar ik riep hem terug. Er zou dadelijk iemand bij ons komen om hem te knippen, hij moest nog heel even wachten. Door de open traptreden zag ik dat het meisje weer naar beneden kwam. Ze was iets groter dan Julian en kon ook iets sneller traplopen. Keurig vroeg ze of ze er langs mocht toen ze Julian moest passeren. Julian zei ‘Ja’ en maakte wat ruimte zodat ze er makkelijk langs kon. Ik was vertederd door hun beleefdheid.

Maar het tij keerde. Het meisje ging voor mijn neus op een kruk staan en zei ‘Ik mag op stoelen staan thuis.’ Wat doe je dan? Het is mijn kind niet, ik ben geen familie van haar en ook niet haar juf. Ik zei dus alleen maar dat dat vast niet waar was. Maar ondertussen had Julian natuurlijk ook een kruk gevonden en als reactie op mijn bevel om van die kruk af te gaan omdat die er was om op te zitten, zei hij ‘Maar dat meisje mag dat ook.’ Het meisje maakte het nog bonter. ‘Ik mag thuis op de tafel zitten’ zei ze. Het kind was vier had ze me net verteld, bijna vijf. Pittig vond ik het. Enerzijds wilde ik antwoorden ‘Nou, bij ons mag dat niet’, maar dan zou ik haar verhaal bevestigen, maar of het door mij gekozen ‘Je bent een jokkebrok’ dan beter was? Tja…

En terwijl ik me op dat moment zat af te vragen hoe dat straks zou gaan als Julian naar school gaat, met wat voor bevindingen hij naar huis zal komen en of hij door interactie met oudere kinderen mijn regels in twijfel zal gaan trekken, kwam de klapper. ‘Daag, stinkerd’ zei het kind opeens tegen mijn zoon. Wat zei ze? In mijn gedachten nam ik me voor haar duidelijk te vertellen dat ze dat soort dingen niet mag zeggen, maar ik deed het niet. Ik voorzag namelijk dat haar moeder dan opeens naar beneden zou komen stormen, diezelfde moeder die haar krijsende kind koste wat kost wilde laten knippen. Die moeder zou mij vast gaan vertellen dat haar kind geen jokkebrok is, niet brutaal en al helemaal geen pestkop. Dus nee, ik koos voor ‘Zo heet hij niet’ waarop Julian gelijk inhaakte en zei ‘Nee, ik heet Julian.’ Het meisje was niet onder de indruk en herhaalde de twee woorden. Ik werd een beetje bang. Horses argumentWeer beelden van Julian, straks op school, teruggetrokken in een hoekje, huilend thuis komen, snikkend vertellen dat hij gepest wordt. O nee, niet mijn lieve Julian, en ter plekke overwoog ik om hem gewoon niet naar school te laten gaan. Maar verrassend, of juist niet, hoorde ik hem op dat moment tegen het meisje zeggen ‘nou daag… viezerik.’

Hoewel ik opgelucht was, bijna trots dat mijn zoon niet over zich heen liet lopen zag ik opeens ook andere beelden: Julian, ontaard in de grootste bullebak van de school, een pestkop, weg empathie voor de minder gelukkigen. O nee, niet mijn lieve Julian.

Nog 3 maanden en dan zal ik hem moeten loslaten in de wondere wereld die basisschool heet. Wat zal er gebeuren met zijn onbevangenheid, zijn goedgelovigheid, zijn hartelijkheid. Zorgen die hij niet deelt, nee, integendeel, hij roept al tijden dat hij bijna naar school mag, hij is er klaar voor! Maar eh … ben ik dat? 😉

Uit archief: 2015, 31 januari

 

Een tip of aanmoediging? Leuk als je die hier achter laat

© Copyright 2014, All Rights Reserved